Berberpaard.nl
 
NederlandsEnglish
 
Berberpaard
Nieuwste Aanbod
Paard Zoeken
Login Form





Wachtwoord vergeten?
Geschiedenis van de Berber en de Berber-Arabier
Het Berberpaard is al vele eeuwen geleden ontstaan, ruim 1200 jaar voor Christus.
Het Berbervolk bestaat uit nomaden en boeren uit de Maghreblanden Marokko, Tunesië en Algerije. In die tijd kwamen er vele stammenoorlogen voor, waarbij veelvuldig gebruik gemaakt werd van het Berberpaard. Deze paarden waren wendbaar, snel en erg moedig.
De strijders hadden een bijzondere vechttechniek: zij namen twee paarden mee in het gevecht, waarbij het ene paard aan de hand meegenomen werd om zo de linkerzijde van de krijger te beschermen.
Bovendien had hij zo altijd een extra paard bij zich, mocht dit nodig zijn.
Ook konden de paarden zo abrupt stoppen, dat de speren met een enorme snelheid naar de tegenstander gegooid konden worden.
In deze tijden dienden de paarden niet alleen als een hulpmiddel in oorlogstijd, maar waren ze ook een volwaardig lid van de familie. De paarden werden niet in stallen gehouden, maar stonden vast aan een touw, midden in het tentenkamp van de nomaden.
De paarden hadden dus een nauw contact met hun eigenaren. Als een merrie moest bevallen, werd ze door de vrouwen in de tent gezet en kreeg het veulen te drinken uit de handen van de vrouw die de merrie gemolken had.
Zo ontstond er een sterke band tussen de mens en zijn paarden.
In de fokkerij van het Berberpaard waren de mensen erg streng. Pas op latere leeftijd werden de hengsten ingezet als dekhengst. Als de eerste veulens geboren waren, werd er gekeken of de hengst zijn goede karakter doorgegeven had aan de veulens. Was dit niet het geval, dan werd de hengst resoluut uit de dekdienst gehaald. Door deze manier van fokken heeft de Berber zijn ontzettend goede karakter ontwikkeld en behouden.
Inmiddels zijn we 3000 jaar verder en is de Berber wereldwijd beroemd om zijn karakter.
De Berber-Arabier is niet zoals veel mensen denken, een toevallige kruising.
Het is een fokrichting die eeuwen geleden ontstaan is.
Door de oorlogen ca. 700 jaar na Christus, werden de paarden die de Arabieren meenamen gekruist met de paarden van de Berberstammen.
Dit was het begin van de Berber-Arabier. Dit nieuwe ras had de beste eigenschappen van beide rassen; de elegantie van de Arabische paarden en de robuustheid van het Berberpaard. Deze kruising werd zo populair, dat het Berberpaard steeds meer verdrongen werd en er steeds meer Berber-Arabieren kwamen.
In Marokko wordt het aantal Berber-Arabieren geschat op zo'n 160.000 en hetzelfde aantal loopt in de rest van de wereld. Het totale aantal Berber-Arabieren wordt daarmee geschat op 300.000.
Het aantal geschatte zuivere Berberpaarden is nog maar 3.000 op de gehele wereld.
In Europa is het Berberpaard en de Berber-Arabier vooral populair in Frankrijk en Duitsland.
In Nederland moet het legendarische Berberpaard de bekendheid nog krijgen die het verdient. Hier zijn er nog maar een paar te vinden.
Vele grootheden uit de wereldgeschiedenis streden hun oorlogen op een Berber-Arabier.
Als je binnen de Europese koningshuizen iets voorstelde, reed je op een Berberpaard of een Spaans paard.
In de oorlogen werden hoge eisen gesteld aan de paarden: ze moesten sensibel, temperamentvol en goed berijdbaar zijn. Bovendien moesten ze goed mee willen werken en trouw zijn.
Een belangrijk Berberpaard uit de Franse geschiedenis is Marengo, de grijze Berber-Arabier van Napoleon.
Het paard werd in Egypte gevangen en werd Napoleons vaste rijdier tijdens veldslagen. Na de veldslag bij Waterloo werd het paard door Britse soldaten gevangen om in Engeland tentoongesteld te kunnen worden. Hij stierf op een geschatte leeftijd van 38 jaar. Zijn skelet is tentoongesteld in het National Army Museum in Chelsea te Londen.
De Griekse geleerde Claudius Aelianus schreef in het jaar 200 na Christus over de Berberpaarden: "Deze paarden zijn buitengewoon snel en sterk, maar bovendien zo volgzaam dat ze zonder trens of teugel bereden kunnen worden en zich heel eenvoudig met een stokje laten sturen".
Antoine Pluvinel schreef over de Berber: "Ik houd veel van deze barbaarse paarden voor het Hoge School rijden vanwege de buitengewone toegenegenheid om sierlijk en met een bijzondere ijver de oefeningen uit te voeren."
In 1605 zegt G.E. Löhneysen: "De Moorse paarden zijn tamelijk klein, maar conditioneel sterk en werklustig, ze kunnen veel hebben, het zijn heerlijke goede paarden. Voornamelijk zijn ze dapper en blijmoedig en ze worden in het bijzonder geprezen omdat ze erg werklustig en trouw aan de mens zijn."
In vredestijd dienden de Berberhengsten als comfortabele, rustige tölters voor de dames van de koningshuizen. En natuurlijk werden ze gebruikt om mee te fokken.
In de tijd dat de Maghreblanden de Islam als religie accepteerden, zo rond het jaar 711, namen de Berbers de paarden mee naar Spanje. Hierdoor werden de Berberpaarden gebruikt bij het fokken van de Spaanse rassen.
Dit is vooral nog terug te zien in de Andalusiër van tegenwoordig.
Deze met Berberbloed gefokte Spaanse paarden, werden in het jaar 1500 door de Spaanse ontdekkingsreizigers meegenomen naar Amerika en hebben grote invloed gehad op de (Zuid) Amerikaanse paardenrassen. De Berber heeft hiermee tevens een grote invloed gehad op het ontstaan van bijvoorbeeld de Quarter-Horse.
Ook meer noordelijke rassen zoals de Engelse volbloed en de Connemara, hebben veel te danken aan de Berber. In de vroege middeleeuwen (11-12e eeuw) werden Berbers naar de Koninklijke Stoeterijen van Engeland verscheept.
De vos Barbary, de favoriet van de Engelse Koning Richard II was een van deze paarden die als renpaarden gebruikt werden in het middeleeuwse Engeland. Deze renpaarden liggen aan de basis van de huidige Engelse volbloed.
In Frankrijk zijn tot op heden nog Berberinvloeden te vinden in diverse rassen. De Limousin, eerst gefokt als een krijgspaard, werd gekruist met de Berber om meer snelheid te verkrijgen. Ook de Camarque dankt veel van zijn uiterlijk aan de Berber.
Tot zelfs in USA reiken de genen van het Berberpaard; de wilde mustangs stammen af van de Iberische paarden die door de Spaanse Conquistadores meegebracht werden en die op hun beurt weer afstamden van de Berberpaarden.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben 2000 Berberhengsten samen met Duitse warmbloedpaarden een onvoorstelbare lange en harde reis tot diep in Rusland gemaakt in dienst van het 42e Duitse Ruiterregiment. Enkel de harde en sobere Berberhengsten hebben de tocht overleefd. Op de terugreis werd een 200-tal Berberhengsten verkocht en ingezet in de Poolse warmbloedfokkerij en een 20-tal Berberhengsten is in de Trakhenerfokkerij terechtgekomen.
Tegenwoordig komt het Berberpaard nog steeds voor in landen zoals Algerije, Marokko en Tunesië maar de aantallen lopen schrikbarend hard achteruit. Binnen de Maghreblanden wordt met behulp van speciale fokprogramma’s en overheidssteun de Berberfokkerij ondersteund. Merries kunnen tegen betaling van een kleine bijdrage door een van de goedgekeurde staatshengsten gedekt worden.